Tijdschrift.nl is nu Lezerij

ECHTE MENSEN, ECHTE VERHALEN

‘Waar is uw man, mevrouwtje?' Eerste hulp bij botte opmerkingen

Wieke Biesheuvel heeft wonderbaarlijke aanvaringen met mannen die nog in de vorige eeuw leven. En ze is de enige niet. Van subtiel kleinerend tot bijzonder lomp: sommige mannen maken het te bont.

Illustraties DAPHNE VAN DEN HEUVEL

Eind vorig jaar moest ik mijn leaseauto terugbrengen naar de garage. De dienstdoende man aldaar vond zichzelf een godsgeschenk en mij een sneu stuk onbenul. Ik vroeg me toen af of ik dit echt meemaakte, als de geëmancipeerde vrouw die ik dacht te zijn. Mij kleineren, me lang laten wachten op zijn inspectie en daarna opscheppen over zijn vele talenten, zoals kinderen opvoeden, skiën en zijn schoonmoeder afblaffen. Dat jankte om een tegengeluid in de vorm van een column op libelle.nl. De reacties logen er niet om.

Mannen die het nodig vinden om vrouwen neerbuigend te behandelen, zijn dus helaas nog niet uitgestorven. Maar hoe deal je met zulke types? Ik vis nog wat ervaringen uit mijn eigen archief. Visualiseer het volgende: ik sta in een ziekenhuis voor een lift. Vooraan. Er komen drie mannen aan, druk in gesprek. De deuren van de lift gaan open en het drietal elleboogt mij al redenerend voorbij. Het feit dat ik besta, ontgaat ze volledig. Het is drie tegen een, dus ze een knietje geven is onverstandig. Ik wurm me ook de lift in en zeg: ‘Dat hebben jullie vast thuis niet zo geleerd, om zowat óver mij heen deze lift in te stappen.’ Stomverbaasd kijken ze me aan. Met een: ‘Ik wens jullie géén fijne dag, doei!’ stap ik eerder uit dan zij. Of ze nog wat antwoorden, krijg ik niet meer mee. Ik spoel door: bij de kassa van de supermarkt sta ik met een volle kar in de rij. Omdat ik druk ben met spullen stapelen op de band, zie ik de man achter mij niet, die klaarblijkelijk alleen chips en een paar blikjes cola in zijn hand heeft. Opeens wringt hij zich met zijn best wel dikke buik langs mij heen en zegt: ‘Ik ga effe voor, want voordat jij eindelijk klaar bent, is het allang zomertijd.’ Hij had het maar hoeven vragen en ik had ‘natuurlijk, ga je gang’ gezegd. De hork.

Echt hoor, de meeste mannen zijn leuk en gedragen zich normaal. Maar soms staat mijn verstand even stil. Zo was ik met een paar mensen op reis voor een goed doel en er ging een journalist van een krant mee. En hoe stelt hij zich aan ons voor bij het inchecken op Schiphol? ‘Hoi, ik ben X, linksdragend, aangenaam!’ Vette knipoog erbij.

Linksdragend? Wat dan? Een tasje? De fotograaf in ons gezelschap wist het en fluisterde, toen de man het voorstelrondje afmaakte, met steeds dat linksdragend erbij: ‘Hij heeft het over zijn kroonjuwelen!’ Ik had me er nog nooit in verdiept dat die dingen zowel links als rechts in een broek konden hangen. Waarom zou je? Bizar dat je zoiets als man graag vertelt.

Een paar dagen later flikte hij me een kunstje. Ik droeg een T-shirt en had daaronder ook twee kroonjuwelen. Het was een beetje koud en dan zie je inderdaad tepels. Wat roept de man bij het ontbijt: ‘Wieke, zet je koplampen effe uit!’ Weer begreep ik het niet en ik vroeg wat hij in vredesnaam bedoelde.

Wat helpt bij dat soort types? Onderbreek z’n betoog met iets wat nergens op slaat

‘Meisje toch, wie heeft jou opgevoed?’ Hij schudde zijn hoofd en loeide naar de anderen: ‘Wieke herkent haar eigen koplampen niet. Ze wist ook al niet dat mijn klokkenspel links hangt!’

Ik kreeg zo genoeg van die jongen, dat ik iets zei wat niet door de beugel kon. Daarna negeerde hij me de rest van de trip. Lekker rustig. Wat ik nog beter had kunnen doen? Ontregelen is een goede suggestie. Dat helpt in veel situaties met botte mannen. Blijf bijvoorbeeld strak naar de schoenen van de onzin uitkramende persoon kijken, of vraag op sussende toon: ‘Vind je het fijn als ik je moeder voor je bel?’ Ook een goede: zeg midden in een tirade: ‘Ik vind pindakaas met nootjes lekkerder dan die gladde.’

Of onderbreek een stom betoog met iets wat nergens op slaat. Zoals: ‘Zou jij een Cliniclown willen zijn of liever een Pleisterclown?’ Deze laatste opmerking heb ik trouwens van mijn zonen. Ik hoop dat ik mijn jongens zo heb opgevoed dat ze zich niet denigrerend gedragen tegenover vrouwen. Want thuis leert een kind al vroeg wat hij wel en beter niet kan zeggen, doen of laten.

13x DEALEN MET MANNEN die het nog steeds niet begrijpen

MANSPLAINING

Hannah (53): ‘Aan mij de ‘eer’ om een net aangeschafte router, die het niet deed, te gaan ruilen. Dat liep uit op veel mansplaining: had ik hem al eens aan- en uitgezet? Zat alles wel goed aangesloten? Had ik geen man die even kon helpen? Ik ontplofte bijna: hij ging niet eens aan! Zuchtend pakte de man de doos uit en plugde de router in. Dood als een pier, uiteraard. En niet eens een “sorry, u hebt gelijk” hè. Ik kreeg een nieuwe mee. Hij straalde ook nog eens uit dat ik daar als ‘lastige’ klant erg dankbaar voor moest zijn. Ik heb er nooit meer iets gekocht.’

De secretaresse

Marianne (61): ‘Mijn man Steven en ik hebben samen een administratiekantoor. Steven is de nerd die zich graag begraaft in belastingwetgeving en zelden in beeld komt, ik heb de dagelijkse leiding over onze drie medewerkers en onderhoud de contacten met cliënten. Vaak komen er ongevraagd vertegenwoordigers van software langs die vragen of ze “even mogen laten zien wat ons product kan”.

En er daarbij blind van uitgaan dat ik de secretaresse ben: “Zou ik de directeur even kunnen spreken?” De laatste keer heb ik gezegd: “Ík ben de directeur en ik heb geen tijd, goedemiddag.”’

Denigrerend

Femmigje (50): ‘Ik heb een al wat ouder model boor waar ik nieuwe boortjes voor nodig had. In de ijzerwarenhandel sprak de man achter de toonbank mij consequent aan met ‘mevrouwtje’. Ik had die boortjes echt nodig en ze zijn moeilijk verkrijgbaar, dus ik heb op mijn tong gebeten tot ik had afgerekend. En toen pas gevraagd: “Als ik een man was geweest, zou u me dan ‘meneertje’ hebben genoemd?” Daar had hij geen antwoord op. Ik geloof niet dat hij het denigrerend bedoelde, maar zo voelde het wel.’

‘Wij vrouwen moeten elkaar toch een beetje steunen, SISTERHOOD HEET DAT’

Op mijn gemak

Fariba (52): ‘In een grote elektronicazaak zocht ik een nieuwe, energiezuinige wasmachine. De verkoper deed alsof het energielabel er niet toe deed en prees twintig programma’s aan die ik echt niet allemaal zou gaan gebruiken. “Hij doet al het werk voor u, zodat u op uw gemak kunt koffiedrinken” was een van de parels die over zijn lippen kwam. Ik werk fulltime, ben teamleider van tweeëndertig man en heb een gezin met drie pubers. Als ik ergens geen tijd voor heb, is het wel voor ‘op mijn gemak koffiedrinken’. Ik heb het gesprek afgerond en online een wasmachine besteld.’

SISTERHOOD

Anja (49): ‘Verwachten dat ik koffie haal, me onderbreken tijdens vergaderingen, mij gaan uitleggen hoe het systeem dat ik elders al tientallen keren heb geïnstalleerd werkt, ik heb het in mijn werk allemaal meegemaakt. De ergste opmerking die ik ooit kreeg, was bij een dealer waar ik voor een godsvermogen twee elektrische deelauto’s voor de zaak wilde kopen. Ik werd behandeld als een onbenul (“Hier gaat de stekker in”) en kreeg de vraag of ik wel de bevoegdheid had voor de aankoop en of hij dat even bij mijn baas mocht checken. Ik heb het gesprek beëindigd en ben op zoek gegaan naar een dealer met een vrouwelijke verkoper. Daar werd ik netjes behandeld, ik gunde haar de commissie: we moeten elkaar een beetje steunen, als sisterhood.’

Vind je dit interessant?

Ontdek nu alle Nederlandse top titels in één app!

Bestel nu

Kletspraat

Selina (45): ‘De mensen van de hengelsportwinkel kennen me en doen altijd normaal. Maar de opmerkingen die ik soms van andere klanten – altijd mannen – krijg, zijn bizar. Of mijn man het aas aan de haak doet, of ik voor de ‘mooie roze dobbertjes’ kom en of ik wel weet dat vissen niet van veel gepraat houden. Of bij een wedstrijd: dat ik best even bij een kerel in zijn tentje mag. Ik hou van vissen en ik kan tegen een stootje, maar dit verpest het soms toch voor me.’

B*tchy

Amanda (39): ‘Ik stapte uit de auto bij een restaurant waar een wildvreemde man bewonderend zei: ‘Nou, nou, uw man heeft smaak, hoor – wat een mooie auto.’ Ik had geen zin om beleefd te blijven en zei: “Ik heb geen man, ik heb deze auto zelf gekocht én betaald.” Hij zei: “Mens, doe niet zo b*tchy.” Mijn avond was verpest voor hij was begonnen.’

Psychisch

Silvia (56): ‘Mijn broer en ik hadden beiden een gemene hernia bij de lendenwervel ter hoogte van L3-L4. We hebben onze dossiers naast elkaar gelegd, de klachten waren identiek. Hij werd binnen drie weken geopereerd en was een paar dagen later van alles af. Ik werd doorgezaagd of het niet ook stress of psychisch kon zijn en teruggestuurd naar de fysiotherapeut. Ik heb negen maanden langer pijn moeten lijden dan mijn broer, voor ik eindelijk, na lang zeuren, die operatie kreeg. We hadden allebei het gevoel dat hij serieuzer werd genomen, omdat hij een man was en een eigen zaak heeft. Alsof mijn pijn en werk er niet toe doen.’

SINGLE

Sanne (34): ‘Drie jaar lang niet op vakantie geweest, niet uit eten geweest, geen leuke dingen gedaan en alleen maar gespaard om genoeg eigen geld te hebben voor een huis. Ik kwam bij de hypotheekadviseur om uit te laten rekenen wat mijn mogelijkheden waren en letterlijk het eerste wat hij zei, was: “O, is je vriend niet meegekomen?” Het is blijkbaar ondenkbaar dat een werkende, single vrouw in haar eentje een woning wil kopen.’

HYSTERISCH

Laetitia (42): ‘Ik zit in de gemeenteraad voor een progressieve partij. Als mijn man eens meegaat naar een sociale bijeenkomst wordt hem vol medeleven gevraagd hoe hij het uithoudt met mij. Ik krijg daar van mannelijke collega’s vaak te horen dat ik “onnodig negatief” ben als ik dingen aankaart die belangrijk zijn voor iedereen, zoals straatverlichting en veiligheid. Of, als ik me opwind: “Moet je ongesteld worden of zo?” Mannen die hun stem verheffen zijn bevlogen en assertief, vrouwen die hetzelfde doen voor de goede zaak zijn overgevoelig en hysterisch. Het is 2026 en seksisme is nog alom aanwezig in Nederland.’

IS UW MAN THUIS?

Annelie (49): ‘We werden ‘gestalkt’ door een verkoper van energiecontracten die de hele buurt afging. In drie dagen belde hij vier keer aan: of mijn man thuis was. Die was steeds aan het werk. Bij de vijfde poging was mijn man wel thuis. Hij hoorde het verkooppraatje aan en zei: “Luister, hier heb ik geen verstand van, daarvoor moet u mijn vrouw hebben.” Ik heb gezegd dat we geen belangstelling hadden en meteen een geen deur-aan-deur-verkoopsticker besteld.’

Buitenspel

Mirella (38): ‘Ik ben trainer van een stel voetballende jongens en meisjes tussen de acht en tien jaar. Gemengd, zes tegen zes, hartstikke leuk. Ik heb al mijn certificaten en doe dit al vier jaar. En áltijd is er wel een vader die quasi-grappig vraagt of hij me de buitenspelregel even moet uitleggen. Tegenwoordig vraag ik meteen: “Zou je dit ook tegen een man zeggen?” Als je geen tegengas geeft, blijven ze het doen.’

De groeten

Jacqueline (56): ‘Van de drie aannemers die langskwamen om een offerte te maken voor een nieuwe badkamer waren er twee die zeiden: “Kan ik dit niet beter met je man bespreken?” Die hebben de opdracht dus niet gekregen.’

Lees Wiekes column terug via libelle.nl/wieke-mannen of scan de QR-code.

Lees meer

Alle artikelen