Tijdschrift.nl is nu Lezerij

LEZEN

‘Aan het zwembad braken mijn vliezen’

Nog even lekker een weekje naar curaçao met zoontje siem (2) voordat hun tweede kindje geboren werd, dachten marieke (41) en erwin (33). Dat kon makkelijk, want marieke was pas 30 weken zwanger. Maar al op de tweede dag braken haar vliezen. “Ik zag en rook vruchtwater. Shit, schoot er door me heen.”

Marieke: “Je mag tot 36 weken vliegen, mits je een ongecompliceerde zwangerschap hebt. En dat had ik. Ik had een fit-to-fly-verklaring gekregen, maar dat zag ik meer als een formaliteit – ik ben niet zo bang aangelegd. Ons zoontje Siem was twee jaar geleden met ruim 40 weken geboren, dat stelde me ook gerust. We zouden maar een weekje gaan, even lekker in de winter de zon opzoeken. Tijdens mijn zwangerschap van Siem hadden we deze reis ook gemaakt, toen nog met z'n tweetjes. Mijn oudste dochter Fem (14) zou bij haar vader blijven, zij had een toetsweek en carnaval in het verschiet.

De vlucht verliep goed. Siem is een relaxed kind en ik zorgde dat ik af en toe even in beweging kwam om trombose te voorkomen. Erwin had een all-inclusive vakantie geboekt in een hotel op loopafstand van Willemstad. Op de eerste dag hebben we het terrein wat verkend en plannen gemaakt. We maakten een wandeling, waarbij we ook langs het nieuwe ziekenhuis kwamen. Ik ben benieuwd hoe het er vanbinnen uitziet, dacht ik nog.

De tweede dag hadden we wat last van een jetlag en besloten we bij het zwembad te blijven. Terwijl Erwin met Siem in het water speelde, las ik een boek. En toen braken mijn vliezen… Ik herkende het gevoel direct, maar wilde het zeker weten voordat ik het aan Erwin zou vertellen. Ik ging naar het toilet en nam onderweg van een watertap een kartonnen bekertje mee om wat in op te vangen. Daarna twijfelde ik niet meer. Ik zag en rook vruchtwater. Ik ben zelf verloskundige en weet waar ik op moet letten. Shit, ik ben pas 30 weken zwanger, schoot er door me heen.

Weer bij het zwembad stond Erwin te facetimen met zijn moeder. ‘Hang maar even op, ik moet je even hebben’, zei ik tegen hem. Toen ik vertelde dat mijn vliezen waren gebroken, keek hij mij geschrokken aan. Ik ben normaal gesproken wel in voor een grapje, maar hij zag dat dit nu niet aan de orde was. ‘Je meent het, hè?’ zei hij. Ik knikte. Ik bleef heel steady en zakelijk, maar was ondertussen ook wel een beetje in shock.”

‘IK BLEEF HEEL STEADY EN ZAKELIJK, MAAR WAS OOK WEL EEN BEETJE IN SHOCK’

Cruciaal

“Op onze hotelkamer hebben we mijn verloskundigenpraktijk en de verzekeraar gebeld. We kregen toestemming om naar het ziekenhuis te gaan. Het ziekenhuis waar ik de dag ervoor nog zo graag binnen wilde kijken… De receptioniste van ons hotel schrok, toen we haar vertelden wat er aan de hand was. Ze belde een ambulance voor ons. Ik wist: de eerste 48 uur zijn cruciaal om de baby zo veel mogelijk voordeel te geven van de longrijping, en het is de periode om in de gaten te houden of er een infectie onderliggend is en of de bevalling op gang komt. Ik heb niet gehuild. Paniek gaat je in zo'n geval niet helpen. Maar ik realiseerde me wel dat ik geen fit-to-fly-verklaring zou krijgen om nog terug te vliegen. Ik had dat ook niet gewild, ik ken de risico's. We zaten vast op het eiland. Terwijl ik met de ambulance naar het ziekenhuis werd gebracht, liep Erwin met Siem in de kinderwagen naar de SEH. Siem had me nog uit staan zwaaien. Hij had geen idee. Ik had geen weeën en voelde me niet ziek. Dat maakte de kans op een infectie wat onwaarschijnlijk. Vliezen kunnen prematuur breken bij een infectie of er ontstaat er één, waarna een bevalling snel volgt. Maar waarschijnlijk had ik gewoon pech, meer niet. De verpleegkundigen en artsen gaven mij meteen een vertrouwd gevoel. Dat je in het Nederlands met elkaar kunt communiceren, scheelt een hoop.”

‘HOTELMEDEWERKERS HADDEN ONZE KAMER VERSIERD MET BLAUWE EN WITTE BALLONNEN’

Nog drie maanden

“Ik voelde de baby goed bewegen en dat stelde me gerust. Erwin en ik konden weinig anders naar elkaar uitbrengen dan: ‘Bizar…’ We hebben elkaar vastgehouden en gezegd dat we dit gingen redden. Dat gevoel was heel sterk. Siem had geen idee van wat er allemaal gaande was. Pas toen ik mijn familie in Nederland belde, kwamen de tranen. De eerste 48 uur bleef ik in het ziekenhuis met preventief antibiotica, weeënremmers en medicijnen voor een snelle longrijping. Erwin en Siem bleven in het hotel. We kregen te horen dat we tot een week na de uitgerekende datum op Curaçao moesten blijven. Dat was nog drie maanden… En al die tijd zou ik Fem dus ook niet zien. Het besef dat ik op Curaçao zou gaan bevallen, drong langzaam tot me door.

Erwin regelde alles met de verzekering. Daar had hij een lange adem voor nodig, zo eenvoudig ging dat niet. Na een week in het ziekenhuis, mocht ik in de logeerkamer van het Ronald McDonald Huis slapen, waar Erwin en Siem inmiddels naartoe waren verhuisd. Daarna konden we weer naar het hotel. Ik mocht daar verblijven op voorwaarde dat ik iedere dag in het ziekenhuis langskwam voor controle. Om de dag werd er een echo gemaakt. Zwemmen mocht ik niet. Ik heb me vooral rustig gehouden en veel gelezen.

De bevalling zou met 37 weken zwangerschap worden ingeleid, vanaf dat moment worden de voordelen van langer wachten kleiner, terwijl de risico's op complicaties toenemen. We brachten de dagen aan het zwembad door en probeerden er ondanks alles maar het beste van te maken. Erwin heeft de eerste weken nog wel wat in deeltijd op zijn laptop gewerkt – hij is sales-manager – maar dat bleek niet haalbaar, omdat hij ook Siem moest vermaken. Die eerste weken konden we niet echt genieten. We moesten zo veel regelen. We hadden niets voor de baby bij ons. Ook in Nederland waren we nog lang niet zover. We zouden na onze vakantie aan de babykamer beginnen. Toen ik net uit het ziekenhuis was ontslagen, hebben we een auto gehuurd en zijn we kleertjes gaan kopen. Ik wilde wel dat onze baby er een beetje leuk uit zou zien, die eerste dagen.”

Niet de bedoeling

“Onze ouders stelden zelf voor om rond de datum van de inleiding naar Curaçao te komen. Ik was zo blij dat ze er voor ons wilden zijn. We hebben als familie een hechte band. Ik had een reiswiegje bij mijn ouders thuis laten bezorgen, dat zouden zij meenemen. Toen we ze ophaalden van de luchthaven, kwam bij mij de ontlading. Ik was in tranen. Het was zo niet de bedoeling wat er allemaal gebeurde. Maar we konden er niets aan veranderen. Fem kwam niet mee. Zij verkoos carnaval vieren boven een weekje Antillen. ‘We bellen wel!’ riep ze. En eigenlijk vond ik die nuchtere houding ook wel fijn. ‘Neem je dan wel op?’ vroeg ik nog. Zo goed is Fem daar namelijk niet in… Vier dagen voordat de bevalling zou worden ingeleid, werd ik in het ziekenhuis opgenomen. Ik was heel benieuwd hoe een ingeleide bevalling zou voelen. Het begon relaxed, maar al snel werden de weeën heel sterk. Ze wilden de pomp nog hoger zeggen. ‘Doe dat maar niet’, zei ik. Na vijf uur werd Abe geboren. Helemaal gezond en zo mooi en lief. Precies zijn broer Siem. ‘We hebben ‘m!’ riep ik geëmotioneerd tegen Erwin. Na al die tijd wachten had ik mijn kindje in mijn armen. We belden onze ouders die niet konden geloven dat hij er zo snel al was!

Vind je dit interessant?

Ontdek nu alle Nederlandse top titels in één app!

Bestel nu

Een uur na de geboorte wilde ik even douchen. Nou, dát vonden ze daar dus wel heel gek. Ze lieten me het liefst zo lang mogelijk plat op bed liggen. Siem en onze ouders kwamen in het ziekenhuis op kraamvisite en na 24 uur mocht ik met Abe terug naar het hotel. Hotelmedewerkers hadden onze kamer versierd met blauwe en witte ballonnen en ook stond er een volle fruitschaal en lagen er allemaal cadeautjes van het personeel. Via een Nederlandse verloskundige die op Curaçao werkt, kreeg ik kraamzorg. Iedere dag kwam er iemand langs om de controles te doen, heel fijn. De eerste dagen kwamen we de hotelkamer niet af. Ons eten werd, heel luxe, met roomservice gebracht.

We zijn daarna nog vijf weken op Curaçao gebleven. Mijn zus is in die periode een weekje bij ons geweest. We moesten een paspoort voor Abe regelen en dat ging op z'n Antilliaans met gigantische wachttijden. We zouden op 1 april terugvliegen, maar dat werd uiteindelijk 8 april. De terugvlucht ging goed. Abe en ik vlogen businessclass en Erwin en Siem zaten een rij achter ons. Ik vond het heftig om het eiland achter ons te moeten laten. Iedereen was zo verschrikkelijk lief voor ons geweest. En we hadden zo'n bijzondere periode achter de rug. We namen afscheid van iets heel indrukwekkends, zo heb ik dat ervaren.”

‘IK VOND HET HEFTIG OM HET EILAND ACHTER ONS TE MOETEN LATEN’

Weer thuis

“We wilden geen groots onthaal op Schiphol, maar het liefst zo snel mogelijk naar huis. Mijn zusje haalde ons op en thuis heeft Fem haar broertje ontmoet. Dat was een prachtig moment. Daarna kwam voor mij de verwerking, het besef dat we niet zomaar even heel lang op vakantie waren geweest. We vertrokken in de winter en kwamen terug in de lente. Je komt ook gelijk weer in de ratrace terecht. Abe moest naar het consultatiebureau voor vaccinaties, de belastingaangifte was blijven liggen, de waterstand moest worden doorgegeven en Erwin ging weer aan het werk. Ik had nog verlof en heb er meteen een paar weken vakantie achteraan opgenomen. Ik ben nu net weer begonnen.

Abe heeft in zijn paspoort staan dat hij in Willemstad geboren is. Hoe bijzonder is dat? Voor ons is het eiland inmiddels ook een beetje thuis geworden. We gaan er zeker nog een keer naartoe. Ik ben zelfs gevraagd of ik er deze zomer in een verloskundigenpraktijk wil waarnemen, maar dat heb ik afgeslagen. Ik ben net weer aan de slag bij mijn eigen werkgever. Maar het zou geweldig zijn om volgend jaar Abes eerste verjaardag op Curaçao te vieren. Hij heeft voor de rest van zijn leven een prachtig verhaal over zijn geboorte te vertellen. Als hij later met carnaval in de kroeg staat, kan hij met zijn witte gezicht tegen iedereen vertellen dat hij een Antilliaan is. Dat zullen niet veel mensen geloven!”

REAGEREN?

Was jouw bevalling ook bijzonder en wil je je verhaal delen? Mail het dan naar post@vriendin.nl

Lees meer

Alle artikelen