Anniek schreef een nieuwsbrief over het traject waarin ze belandde nadat er melanoom bij haar was vastgesteld. ‘Voor mensen die op de hoogte willen blijven van mijn avonturen in Wonderland, waar ik net zo onverwacht als Alice in terechtkwam.’ Hierin beschrijft ze haar ervaringen en de mensen die zij ontmoet.
Drie jaar geleden vroeg ik mijn huisarts te kijken naar een moedervlek op mijn linkervoet. Ik vond het ding er raar uitzien. Zij niet. Ze mat het op – 9,1 millimeter – en ik moest terugkomen als het groter werd.
Dat deed ik, op woensdag 19 februari vorig jaar. Het vlekje was niet per se groter geworden, maar het leek te veranderen van vorm en kleur, en nu vond zij het er ook raar uitzien. Ze verwees me naar een ziekenhuis in de stad.
Mevrouw D, een dermatoloog, haalde een week later ‘met een appelboortje’ – niet een heel ontspannend woord, vond ik – een stukje uit het ding. Op maandag 10 maart mailde ze dat er melanoom was gevonden, een agressieve vorm van huidkanker, met bovendien een weinig opbeurende score van 3,8 op een schaal van 4; de voorspeller van uitzaaiingen. Haar idee na overleg met een chirurg: as soon as possible dat ding uit mijn voet halen, de wond dichten met huid uit mijn rug of bovenbeen, en checken of het daarbij kan blijven.
Er zaten vier hele dagen tussen de uitslag per mail en het gesprek dat ik met haar had – ik wil graag bij de feiten b lijven, maar ik vind daar iets van. Hoe dan ook: ik had inmiddels bedacht dat ik behandeld wil worden in het Antoni van Leeuwenhoekziekenhuis (AvL). Daar zitten specialisten, en ik heb indertijd, met de kanker van mijn vader, een goed gevoel aan die club overgehouden. Zijn leven konden ze niet redden maar ze hebben hem veel pijn bespaard met een, destijds nieuwe, manier van behandelen.
‘Ik begreep nooit dat ziek zijn een dagtaak wordt genoemd. Inmiddels heb ik een idee’
Op vrijdag 14 maart, laat in de middag, beloofde de dermatoloog van het stadsziekenhuis een spoedaanvraag naar het AvL te sturen. Op mijn verjaardag, toch ook weer vijf dagen later, ben ik wat ongeduldig gaan bellen. Dat deed ik op aanraden van een voormalig collega en mede-kankerpatiënt (ik moet nog heel even wennen aan dat woord). Zij vertelde dat ze achter alle – álle – afspraken aan had moeten bellen, omdat ze anders onder op de stapel belandden.
Wat bleek? Het stadsziekenhuis had het verslag van de patholoog niet meegestuurd, dus kon het AvL niet goed inschatten wat er precies met me aan de hand is.
Een dag later al werd ik teruggebeld door het AvL – door Maaike (onthoud die naam!). Ondanks twee prangende mails naar het stadsziekenhuis, had ook zij nog steeds de benodigde spullen niet gekregen. Daar ben ik toen op haar verzoek ook zelf nog maar weer achteraan gaan bellen.






Ik begreep nooit wat mensen bedoelden als ze zeiden dat ziek zijn een dagtaak is; inmiddels krijg ik een idee.
WAT IK NU WEET
MAANDAG 24 MAART om kwart voor drie wordt een echo gemaakt van mijn lies om te kijken of er uitzaaiingen te zien zijn in mijn lymfeklieren.
WOENSDAG 26 MAART zit ik vanaf acht uur ’s ochtends in het AvL voor aanvullend onderzoek en om kennis te maken met de chirurg en de verpleegkundig specialist.
BIJZONDERE ONTMOETING MET...
Maaike
‘Bel ze,’ zei een vriendin en ervaringsdeskundige, toen ik vertelde dat ik al vijf dagen zat te wachten op een zogeheten spoedoproep van het AvL. Ik was jarig maar voelde weinig feestelijks. Ik toetste het nummer en zette me schrap voor de zoveelste telefoniste die van niets weet en jou dat lijkt te verwijten. Aan de andere kant van de lijn zei iemand haar naam met een accent in mijn moerstaal. Een onverwacht warm geluid in een vreemde wereld. Ze zocht mijn dossier en vroeg waarom ik in vredesnaam belde op mijn verjaardag.
‘Ga feestvieren!’
‘Dat kan ik niet voordat ik een afspraak heb,’ zei ik. Dat begreep ze. Na twintig minuten wrikken, had ze me in de agenda geperst. ‘Laat het nu maar even los,’ zei ze. ‘Je bent hier in de beste handen.’
Ik voelde dat ik uitademde. ‘Ge bent un goei,’ zei ik. ‘Gij ok,’ zei ze.
visagie: wilma scholte. de namen van de mensen die ik in deze artikelen noem, heb ik veranderd. behalve van degenen dicht bij mij.




