
Als student geneeskunde zat Joshua Wolrich met een dilemma. Kon hij zijn patiënten wel adviseren over hun gezondheid als hij zelf overgewicht had? Het was het startsein om zich te gaan verdiepen in vraagstukken als: ‘Zegt BMI iets over je gezondheid?’ en ‘Mogen we gezondheidsclaims maken over onze voeding?’ Hij stelde vast dat veel boeken over voeding geschreven worden door artsen, niet door voedingsdeskundigen. Voeding kreeg ook steeds vaker het stempel ‘medicijn’. “Wat je eet of drinkt kan een positieve impact hebben op je gezondheid, maar je mag voeding en medicatie niet aan elkaar gelijkstellen. Je kunt voeding gebruiken ter ondersteuning, maar sapjes drinken om kanker te genezen, is ronduit gevaarlijk,” stelt hij. Sindsdien trekt hij ten strijde tegen de ‘nutribullshit’, ontkracht hij voedselfabels en schreef hij een boek: Voeding is geen medicijn. Wij legden vijf van zijn stellingen voor aan Michaël Sels, voedingswetenschapper, hoofddiëtist bij een universitair ziekenhuis én chef.
1 GEWICHT ZEGT NIET ALLES OVER JE GEZONDHEID
“‘Probeer wat af te vallen.’ Artsen adviseren het hun patiënten vaak in het belang van hun gezondheid. Maar wist je dat het voor de sterftecijfers niets uitmaakt of je een BMI van 18 of 30 hebt? Een betere indicator voor je gezondheid is onze socio-economische status,” meent Wolrich. “Kun je je vers fruit en groenten veroorloven? Heb je de tijd en fysieke en mentale capaciteit om aan lichaamsbeweging te doen?” Hoe welgestelder, hoe makkelijker het is om gezonde keuzes te maken, meent hij. Toch hanteert onze maatschappij een aanpak waarbij de focus op gewicht en gewichtsverlies wordt gebruikt om gezondheid en welzijn te definiëren.
“Het kan ertoe leiden dat mensen gezonde gewoontes opgeven, omdat ze er niet van afvallen. Tel daarbij op dat diëten op termijn vaak leidt tot gewichtstoename en het is duidelijk dat we korte metten moeten maken met dat gewichtsstigma.” Michaël Sels is het deels met hem eens: “Individueel kan iemand met een hoog BMI toch gezond zijn. Denk aan sporters zoals voetballer Romelu Lukaku of de zwemmer Michael Phelps. Maar op groepsniveau mag je de link tussen een hoog BMI en heel wat aandoeningen niet negeren. De overheid draagt hierbij wel een verantwoordelijkheid. Er zouden veel meer regels moeten komen wat betreft gezondheidsclaims op etiketten.”
2 KOOLHYDRATEN ZIJN NIET ENG
Koolhydraatarme diëten zijn populair. Volgens fervente aanhangers zijn koolhydraten des duivels. Maar is dat wel zo? Op lange termijn pleit er weinig in het voordeel van zo’n dieet, zegt Wolrich. “Kijk maar naar Japan, waar witte rijst het hoofdbestanddeel is van elke maaltijd, maar waar de obesitascijfers het laagst zijn van alle OESO-landen, een samenwerkingsverband van 38 overwegend welvarende landen. Of kijk naar het feit dat we de laatste jaren wereldwijd minder koolhydraten eten, terwijl de gemiddelde lichaamsomtrek groeit.” Ja, we kunnen overleven zonder, maar duurzaam afvallen doe je zo niet, stelt hij. “Want het initiële gewichtsverlies is vrijwel alleen vocht. Voeding demoniseren vanuit angst is bovendien niet zo onschuldig als het lijkt: het is de bron van elke eetstoornis.” Sels ziet ook dat bepaalde eetpatronen de nieuwe religie vormen. “Sommige voedingsstoffen, zoals koolhydraten dus, worden gedemoniseerd, maar koolhydraten zijn een krachtige energiebron. Nuanceren is hier heel belangrijk. Veel mensen houden ervan om voedingsmiddelen te classificeren als gezond of ongezond, maar zo simpel is het niet. Je wordt niet dik van wat je eet tussen kerst en oud en nieuw, wel van wat je de rest van het jaar eet.”
‘ER ZOUDEN VEEL MEER REGELS MOETEN KOMEN WAT GEZONDHEIDSCLAIMS OP ETIKETTEN BETREFT’
3 EEN VEGANISTISCHE LEVENSSTIJL IS NIET GEZONDER
“Waarom zou je dierlijke producten weren? Vlees is een bron van eiwitten en ijzer, zuivel van calcium en vette vis van onverzadigde vetten.” Volgens Wolrich is een plantaardig dieet dan ook niet per se gezonder dan een waarbij je ook dierlijke producten eet. Waar die claim dan vandaan komt? Onder vleeseters zijn meer mensen met een ongezonde levensstijl dan bij veganisten. Roken, overmatig alcohol drinken en minder bewegen gaan vaker gepaard met vlees eten dan met een plantaardige levensstijl. Dat maakt dat de gemiddelde vleeseter ongezonder is dan de gemiddelde veganist. Vleeseters consumeren bovendien minder voedingsvezels, fruit en groente. Dat zouden ze beter wel kunnen doen, zegt Wolrich, “want planten zijn goed voor je gezondheid.” Klopt, aldus Sels: “Helaas gebruiken veel merken het label ‘vegan’ om een product een gezond imago te geven. Maar vegan chips zijn niet gezonder dan andere chips.”
‘JE WORDT NIET DIK VAN WAT JE EET MET KERST, WEL VAN WAT JE DE REST VAN HET JAAR EET’
4 HONGER OF TREK IS ECHT
Als Wolrich vroeger een bus Pringles in huis had, bedacht hij voor zichzelf allerlei regels om maar niet te gaan bingen. Zijn grote angst was dat hij zichzelf ongecontroleerd vol zou proppen met ongezonde rommel. Regelmatig gebeurde dat ook, wat leidde tot een hoop schuldgevoelens. Ondertussen is die angst weg en geniet Wolrich met mate van zijn favoriete chips. In plaats van meer regels op te stellen over wat hij al dan niet mocht eten, gaf hij zichzelf toestemming om zo veel Pringles te eten als hij wilde. “Door de chips niet langer te demoniseren, ontwikkelde ik een ontspannen relatie met voeding en leerde ik luisteren naar mijn lichaam. Ik behandelde mijn honger – of trek – niet langer als iets ongewensts, maar ging die met respect behandelen. Dus: wanneer je dorst hebt, drink je iets en wanneer je honger hebt, probeer dan iets te eten.” Veel mensen eten echter niet omdat ze honger hebben, maar om bijvoorbeeld een emotionele leegte te vullen. Je eetpatroon raakt verstoord en je kunt gevoelens van honger en verzadiging niet langer herkennen. Hoe kun je dat volle gevoel dan wel opnieuw leren herkennen? Wolrich: “Blijf tijdens het eten weg van bronnen van afleiding – zoals de televisie – en neem regelmatig een korte pauze.” Sels beaamt Wolrich’ kijk op de vervreemding van ons lichaam. “Veel mensen kunnen honger en verzadiging niet meer herkennen. Trends zoals intermittent fasting, waarbij je eet omdat het in je eetraam past en niet omdat je honger hebt, werken dat in de hand. Net als marketeers die ons laten geloven dat we bepaalde producten nodig hebben. Wolrich’ tips zijn nuttig. Wel wil ik ze aanvullen: wees tijdens het eten niet te streng voor jezelf. Schrap niet zomaar ingrediënten en zorg ervoor dat je maaltijd altijd een volwaardige maaltijd is. Anders krijg je tussendoor honger en moet je op karakter verder. Dat houd je niet vol, met alle gevolgen van dien.”






5 VOEDING KAN GEEN ENGE ZIEKTES GENEZEN
Sommige patiënten zoeken na een kankerdiagnose hun heil in alternatieve therapieën, zoals een suikervrij of een alkalisch dieet. Ze worden aangetrokken tot het idee van een ‘natuurlijke of niet-toxische optie’ en krijgen het gevoel zo meer controle te hebben over hun genezing. Wolrich: “Maar alleen hiervoor kiezen is geen goed idee. Zo zouden borstkankerpatiënten die alleen gaan voor een alternatieve behandeling – waar een alternatief eetpatroon vaak deel van uitmaakt – vijf keer meer kans hebben om te overlijden.” Daarnaast hekelt Wolrich de verbanden die te pas en te onpas worden gelegd tussen voeding en kanker. “Die zorgen ervoor dat patiënten overweldigd worden door schuldgevoelens. Voor de meerderheid van de kankersoorten is geen oorzakelijk verband. Neem darmkanker.
Factoren die darmkanker kunnen veroorzaken zijn roken en alcoholconsumptie. Vaak wordt er ook gekeken naar gewicht, maar dat oorzakelijke verband is niet bewezen. Als je weet dat stress ervoor zorgt dat mensen vaker naar sigaretten of alcohol grijpen én een dikmaker is, dan zou de echte oorzaak van darmkanker weleens eerder in die hoek te vinden zijn.”
Sels: “Voeding is inderdaad geen medicijn, maar deze kan wel een belangrijke rol spelen bij preventie. Een derde van de kankersoorten is te vermijden door gezonde voeding en beweging. Maar er is ook de obesitasparadox. Een hoger vetpercentage verhoogt het risico op kanker, maar als je kanker krijgt en in behandeling moet, zijn je overlevingskansen wel groter als je wat vetreserve hebt.”



