Maar liefst twee keer werd ze uitgehuwelijkt. Haar tweede man probeerde haar te vermoorden en zelf deed ze ook een aantal pogingen om uit het leven te stappen. Maar Aysel Disbudak overleefde, stichtte in haar eentje een gezin en richtte een zorgorganisatie op, die inmiddels duizenden mensen heeft geholpen.

'Ik was dertien toen mijn ouders me tijdens een vakantie in Turkije achterlieten bij mijn tante. Achter mijn rug om hadden ze alles geregeld: met wie ik zou trouwen, wanneer en hoe. Ik smeekte mijn moeder om me mee te nemen. Ze zei: 'Als je dood bent, komen we je wel ophalen om te begraven.' Dat was het. Ik dacht - heel naïef, want ik was nog een kind - dat als ik mijn haar heel kort zou knippen, hij me niet mooi zou vinden. Maar dat hielp niet. We trouwden en ik ging bij zijn familie wonen. Er was geen liefde, ook hij was gedwongen om te trouwen. Ik werd door zijn ouders mishandeld. Ik moest al het werk doen en werd vaak opgesloten in een kamertje of in het kippenhok. Mijn schoonmoeder eiste dat ik de sieraden die ik van mijn ouders had gekregen aan haar zou geven.
Mijn moeder had me op het hart gedrukt dat ik die nooit mocht weggeven, wat ik dan ook niet deed. Voor straf werd ik drie dagen in een kamer opgesloten. Zonder eten, water en wc. Op de derde dag vond ik een doosje medicijnen. Ik dacht: ik ga toch dood, dan kan ik er net zo goed zelf een einde aan maken. Ik nam ze allemaal in. Mijn schoonzus heeft mijn leven gered. Zij hoorde me niet meer reageren, ging naar haar moeder en zei dat het genoeg was. Daarna belde ze de ambulance.
Ik werd wakker in het ziekenhuis. Mijn ouders kwamen over uit Nederland en tussen hen en mijn schoonouders ontstond een enorme ruzie over die sieraden. Mijn schoonmoeder had ze gevonden en wilde ze niet teruggeven. 'Dan krijgen jullie Aysel ook niet,' zei mijn moeder. Nog diezelfde dag vlogen we terug naar Nederland.
Familiewaarden
'Ik ben opgegroeid in een gezin met vier kinderen: mijn oudere broer, ik, mijn zusje en mijn broertje Unal die een verstandelijke beperking heeft. Mijn vader was ergens wel een moderne man. Hij wilde niet dat wij een hoofddoek droegen. Maar familiewaarden waren heel belangrijk. Van jongs af aan is mij altijd duidelijk gemaakt hoe mijn toekomst eruit zou zien. Ik was eerst iemands dochter en zou daarna iemands vrouw worden. Mijn vaders droom was om zanger te worden, maar hij werd gedwongen om naar Nederland te gaan om geld te verdienen. Hij dronk veel, wat thuis een enorme impact had. Mijn moeder wilde eigenlijk niet met mijn vader trouwen en al helemaal niet naar Nederland gaan. Maar ze werd gedwongen. Ze was niet gelukkig en zei altijd: 'Dit is niet mijn leven. Ik wil hier niet zijn, ik wil ook geen moeder zijn.' Dat zegt ze nog steeds. Nadat ik terugkwam uit Turkije ben ik nog een jaar naar school geweest. Daarna moest ik thuis helpen. Ik maakte schoon, zorgde voor mijn broertje en zusje, tolkte voor mijn ouders, deed hun administratie en had allerlei baantjes. Buitenspelen mocht niet, vriendinnetjes had ik niet. Ook toen heb ik geprobeerd een einde aan mijn leven te maken. Ik zag het niet meer zitten. Dit keer was het Unal die mij redde. Toen ik niet meer wakker werd, ging hij de buurvrouw halen.'
'Zeventien was ik toen mijn vader me in een dronken bui aan de zwager van zijn drinkmaatje beloofde'
Tweede huwelijk
'Mijn tweede huwelijk, toen ik zeventien was, was door mijn vader geregeld. In een dronken bui beloofde hij me aan de zwager van zijn drinkmaatje. Die man, dertien jaar ouder dan ik, kwam me op een dag halen. Hij dreigde iedereen te vertellen dat mijn vader dronken was toen hij mij had verkocht. Hij zei ook dat ik niks waard was, want anders hadden mijn ouders mij wel beter beschermd. Ik ben met hem meegegaan omdat ik geen keuze had. En ook nu kwam alles op mij neer: het huis schoonmaken, koken, voor hem zorgen en zorgen voor onze twee kinderen, die er al snel kwamen. Hij kon weinig hebben. Toen een van onze kinderen een keer niet stopte met huilen, gaf hij mij daar de schuld van. Hij sloeg me helemaal in elkaar en sloeg mijn hoofd tegen de muur en op de wasbak, tot ik bewusteloos was. Daarna heeft hij mij op bed gelegd en is hij met de kinderen naar buiten gegaan, in de hoop dat ik zou bijkomen. Maar toen hij terugkwam, was ik nog steeds bewusteloos. Hij heeft mijn zusje gebeld en zij belde de ambulance. Een paar dagen later werd ik wakker in het ziekenhuis. Ik had al die tijd in coma gelegen. Ik keek naar mezelf in de spiegel en schrok. Mijn hele hoofd was bont en blauw. Ik wilde niet meer met hem mee naar huis, maar mijn ouders zeiden dat hij mijn man was en ik hem moest gehoorzamen.'
Nadenken over de toekomst
'Deze mishandeling zorgde ervoor dat ik goed ging nadenken over mijn toekomst, iets wat ik nog nooit had gedaan. Financieel zelfstandig worden, was mijn enige kans om van hem los te komen. Studeren mocht niet, maar werken wel. Toevallig kreeg ik in die periode een baan aangeboden bij een hulpverleningsinstelling. Ze kenden me door de zorg die ik voor Unal had geregeld. Traditionele hulpinstanties weten zich vaak geen raad met gehandicapte kinderen uit gezinnen met een Turkse of Marokkaanse achtergrond en ze hadden gezien hoe ik alles voor mijn broertje had geregeld. Ik hielp ouders met de aanvragen en het papierwerk en ik werd intern opgeleid. Ik had met mijn buurvrouw geregeld dat ik haar administratie en vertalingen deed en zij in ruil daarvoor mijn kinderen na school opving. De tweede keer dat mijn echtgenoot gewelddadig werd – hij probeerde mij te wurgen – kwam mijn oudste dochter de slaapkamer binnen en vroeg: 'Papa, wat doe je?' Hij schrok en stopte, en daarna rende hij het huis uit. Ik heb meteen de politie gebeld. Ik wist dat als ik dat niet zou doen, hij terug zou komen om zijn werk af te maken. Hij is opgepakt en kreeg een straatverbod, waar hij zich vervolgens niet aan hield. Toen hij jaren later overleed, zorgde dat voor een enorme rust. Na mijn scheiding richtte ik me op de zorg voor mijn kinderen en kon ik aan mijn toekomst gaan werken. Ik richtte een particuliere zorginstelling op, gespecialiseerd in de opvang en begeleiding van mensen met een verstandelijke beperking en met een niet-westerse achtergrond. In 2006 werd ik uitgeroepen tot Allochtone Zakenvrouw van het Jaar. Twintig jaar lang hielpen we duizenden mensen; kwetsbare vrouwen, jongeren en mensen met een beperking.'






Onvoorwaardelijke steun
'Ik was nog geen dertig en voelde me voor het eerst vrij. Ik had een huis, een baan en een inkomen. En twee lieve kinderen. Heel bewust besloot ik toen dat ik vanaf dat moment zelf aan het roer van mijn leven wilde staan. Ik heb mijn ouders losgelaten en ben mijn eigen leven gaan leiden. Ik koos daarna bewust voor een man die me kon beschermen, niet uit verliefdheid, maar omdat veiligheid voor mij het belangrijkst was. Hij is de vader van mijn jongste dochter. In het begin was onze relatie goed, maar naarmate ik succesvoller werd, werd hij onzekerder. We zijn alweer een tijd uit elkaar. Ik ben eigenlijk altijd een alleenstaande moeder geweest voor mijn drie kinderen. Ik ben moeder en vader tegelijk geweest. De band die ik nu met hen heb, daar ben ik zo blij mee en trots op. Zo'n band heb ik nooit met mijn ouders gehad en ik heb dus ook nooit geleerd hoe die op te bouwen. Recent ben ik uit de zorg gestapt en ben ik een community voor vrouwen begonnen. Geen businessclub, maar onvoorwaardelijke steun. We vragen altijd: wat heb je nodig, waar kunnen we je bij helpen? Ik schreef er een werkboek over waar mijn hele leven in zit. Daarnaast start ik trajecten voor vrouwen die net als ik de weg even kwijt zijn.'
Gewoon oma zijn
'Mensen vragen vaak: 'Wat was hét keerpunt?' Ik heb daar lang over nagedacht, ook toen ik met vier andere vrouwen sprak voor de theatershow die we samen maken. We komen allemaal tot dezelfde conclusie: er is een moment waarop je iets besluit, en er is een heel ander moment waarop je dat besluit ook echt uitvoert. Die twee vallen zelden samen. Diep in mijn hart is mijn keerpunt het moment dat ik uit die coma ontwaakte en dacht: wat is hier gebeurd? Mijn kinderen hadden bijna geen moeder meer. Maar dat ik over ging tot handelen, dat was later. Ik zat vast, ik kon niet zomaar weg. Twee jaar geleden overleed mijn vader. Ik dacht niet dat het me zo zou raken, maar de klap kwam hard aan. Ik was altijd druk met een ander redden: mijn broertje, mijn zusje, mijn partners, mijn kinderen, de duizenden gezinnen die ik via mijn werk hielp. Dat ging steeds ten koste van mezelf en niemand zag dat, ikzelf ook niet. Pas toen mijn vader er niet meer was, viel alle druk weg en moest ik mezelf voor het eerst echt onder ogen komen: wie ben ik eigenlijk als ik niet de hele tijd voor iemand anders zorg? In die periode ben ik me gaan verdiepen in de cijfers rond huiselijk geweld en femicide in Nederland en schrok ik van hoe groot dat probleem nog steeds is. Ik kwam bovendien steeds vaker vrouwen tegen die hetzelfde hadden meegemaakt als ik. Toen wist ik: dit moet mijn missie worden. Pas de laatste twee jaar zeg ik hardop dat ik trots op mezelf ben. Daarvoor kon ik dat niet, mijn ouders waren nooit trots op mij. Mensen in mijn geboortedorp zeggen nu dingen als: 'We kennen niemand anders uit onze streek die heeft bereikt wat jij hebt bereikt.' Vroeger zeiden ze dat niet. Mijn oudste dochter is inmiddels zelf moeder. Ik ben oma van een meisje van een halfjaar. Ze lijkt op mij. Dat brengt me soms terug naar mijn eigen tijd als jonge moeder, maar dan zonder de angst. Ik hoef nu alleen maar oma te zijn.'
Aysel schreef het boek (C)een echte Fatima, te koop via bol.com voor €24,95 (meer info: geenechtefatima.nl).
Kamp je met gedachten aan zelfmoord? Praat erover, bijvoorbeeld met Zelfmoordpreventie. Bel 0800 - 0113 (gratis).
Van boek naar theater
Op 19 november brengt Aysel Disbudak haar verhaal naar het theater. In De Meervaart in Amsterdam speelt ze mee in een interactieve voorstelling naar aanleiding van haar boek (C)een echte Fatima, samen met vier andere vrouwen die ieder over hun eigen keerpunt vertellen. Muziek, film en storytelling wisselen elkaar af en de avond eindigt met een lied dat Aysel zelf schreef. Meer info vind je op ayseldisbudak.nl




